Geschiedenis van Vlaanderen

DE RIJKDOM VAN HET VERLEDEN

Frans-Vlaanderen betekent vooreerst een zeer rijk historisch patrimonium, waar de oorlogen hun sporen achtergelaten hebben, maar ook perioden van voorspoed, onder meer op cultureel en architecturaal vlak. Deze geschiedenis vormt nu juist één van de troeven van dit gebied!

Het verhaal van de mensen

In de loop van de tijdperken uit de geschiedenis kwamen er steeds meer strategische steden:

. de Gallo-Romeinse erfenis leeft verder in de organisatie van de bisdommen, die structuur geeft aan de middeleeuwse periode, met enkele havens die opduiken,
. de gecentraliseerde organisatie van Lodewijk XIV, die de erfenis van Keizer Karel V overneemt,
. de vruchten van de industriële revolutie en de erfenis van de Hollandse buren,
. de impact van de twee wereldoorlogen op de structuur van het grondgebied,
. de ingrijpende veranderingen van de « Trente glorieuses ». Bron CAUE du Nord

Het Gallo-Romeinse tijdperck

In Gallia Belgica, een excentrisch gelegen provincie in een wereld gericht naar de Middellandse Zee, waren er relatief weinig steden. Deze steden concentreerden zich in het binnenland.
De kaart uit de Gallo-Romeinse periode toont de steden op een achtergrond dat de laatste grote geologische transgressie van de zee tekent, evenals het netwerk van de grote Romeinse heirbanen. Het moerassige gebied bij de zee maakt duurzame menselijke vestigingen onmogelijk.
In de vierde eeuw drukt de hiërarchie van de steden zich uit in de verdeling tussen provinciale hoofdsteden (Keulen, Reims, Trier), civitates (Tongeren, Doornik, Thérouanne, Cambrai, Saint-Quentin) en civi (bijvoorbeeld Bou­logne, Kortrijk, Cassel, Bavay, Maastricht).
Maar al vanaf deze periode veroorzaakt de verzwakking van de fundamentele grondvesten van de Romeinse staat de verspreiding van de macht, die zich tot dan in de steden bevond, naar de landelijke wereld. Bron CAUE du Nord

Zoom op: DE ROMEINSE HEIRBANEN
Historisch gezien maakten deze banen, die uit de steden uitstraalden, de verbinding mogelijk tussen de grote stadskernen. Ze hadden voor het gebied voornamelijk een commerciële en militaire functie.
Men denkt meestal dat ze uit de Gallo-Romeinse periode dateren, maar zij dateren in feite van vroeger, toen zij op doeltreffende wijze het geheel van het keizerrijk met Rome verbonden.
Het valoriseren van deze historische routes en het tegelijkertijd respecteren van hun patrimoniaal karakter moeten samengaan met de milieu- en socio-economische objectieven van het grondgebied. Dit moet aanzetten tot het beplanten van de kanten van deze wegen om ecologische corridors te creëren en tot het inrichten van schaduwrijke wegen, die in de zomer comfortabeler zijn. Zo kan men een aanpassing vinden aan de opwarming van het klimaat en alternatieve verplaatsingsmiddelen voor de wagen (fietswegen…) aanmoedigen. Bron CAUE du Nord

De middeleeuwen

Het netwerk van steden is in de 14e eeuw een erfenis van de economische groei van de 11e eeuw tot het begin van de 14e eeuw, wanneer de grote pestepidemieën verschijnen. Zoals Paul Bairoch (De Jéricho à Mexico, Gallimard 1996) het benadrukt, is het netwerk van steden dat in de 14e eeuw ontstaat, het resultaat van de verplaatsing naar het noorden van het industrieel zwaartepunt van Europa en van de ontwikkeling van commerciële uitwisselingen tussen de verschillende streken van Europa, onder meer tussen het noorden en het zuiden. In deze uitwisselingen speelt Vlaanderen, dat een nieuwe industriële kern geworden was, een belangrijke rol. Deze internationale handel, waarvan een groot deel over de weg gebeurt, leidt tot het ontstaan van jaarmarkten in het centrale deel van Europa, waar de twee commerciële stromen elkaar ontmoeten. Bron CAUE du Nord

Zoom op: HET KASTEEL VAN ESQUELBECQ

Het dorp Esquelbecq, dat sinds de middeleeuwen door een kasteel beschermd wordt, bevindt zich aan de oevers van de IJzer. Het kasteel van Esquelbecq telt acht torens en is omringd met slotgrachten. In de tuin vindt men een zeer mooie met runen gesierde achthoekige toren, waarin zich een duiventil begint. De tuinen uit de 17e eeuw staan ingeschreven in de algemene inventaris van het cultureel erfgoed. Bron CAUE du Nord

Moderne periode

In de 17e eeuw, die in Europa door bijna voortdurende oorlogen gekenmerkt wordt, ontwikkelen de steden hun vestingwerken en zij worden in een netwerk opgenomen om het grondgebied te verdedigen. Het zeer rijke en begeerde gebied dat de Nederlanden tussen Engeland, Frankrijk en het keizerrijk vertegenwoordigen, kan aan de onophoudelijke conflicten niet ontsnappen. De grenzen bewegen voortdurend en worden verdedigd door versterkte steden die echte verdedigingslinies vormen (de beroemde “pré carré” van Vau­ban, de Waterlinie en de Maaslinie, meer in het noorden). Men zal tot 1713 en het verdrag van Utrecht moeten wachten alvorens het gebied een relatieve stabiliteit kent en de vrede wederkeert. Dit brengt geleidelijk een terugkeer van de welvaart, in het kader van steeds nauwere relaties tussen beide kanten van de nieuwe grenzen. Bron CAUE du Nord.

Zoom op: DE VERSTERKTE STAD WATTEN

Eén van de meest belangrijke strategische punten van Frans-Vlaanderen is de berg van Watten. Omwille van zijn buitengewone hoogte en de aanwezigheid, aan zijn voet, van het moerassig gebied van Saint-Omer, speelt de plaats reeds zeer vroeg een belangrijke rol. Men vermoedt dat de plaats al aan het einde van de neolithische periode bewoond werd, maar het fort zelf gaat waarschijnlijk terug tot een aarden walmuur uit het ijzeren tijdperk. Tijdens de Romeinse periode wordt de heuvel opnieuw bewoond. De geschiedenis leert ons niets over de tijdspanne van verschillende eeuwen tussen de Gallo-Romeinse periode en de stichting van het klooster. De overstroming van de vijfde eeuw dringt de hele zeevlakte binnen tot aan Watten. Het gebied wordt slechts zeer langzaam weer bewoonbaar, naarmate de kuststreek opgehoogd en drooggelegd wordt. Alleen op de hoogten kunnen de mensen wonen. Bron CAUE du Nord

De industriële periode

Het netwerk van steden wordt in de industriële periode gestructureerd rond de bekkens van de textielproductie en de steenkoolmijnen. Onder meer Spanje, Italië, Portugal en de Nederlanden hadden in de 18e en gedurende de eerste helft van de 19e eeuw een niveau van urbanisatie (en ook een aantal grote steden) dat niet meer overeenkwam met de vroegere economische functies die aan de basis gelegen hadden van deze urbanisatie. Ten slotte heeft men hier te maken met een overurbanisatie, een stedelijke hypertrofie. Bron CAUE du Nord.

Zoom op: HET VLAS

De rijke grond van Frans-Vlaanderen is geschikt voor het telen van deze textielplant. De vlaskwekers uit de streek brengen al hun bekwaamheid en hun passie in om deze plant te telen. 70 jaar geleden gebeurde de omzetting van het vlas nog in de hoeve: het ontkorrelen, het roten, het zwingelen, … Dit hield het personeel van het landbouwbedrijf bezig gedurende de wintermaanden. De mechanisatie en de evolutie van de technieken hebben deze activiteiten nu geconcentreerd in enkele industriële ondernemingen. Deze ondernemingen die vlas omzetten en produceren zitten in Hondschoote en omgeving.

De eerste wereldoorlog

Naast de ernstige gevolgen die hij op menselijk vlak veroorzaakt heeft, heeft de eerste wereldoorlog ook belangrijke materiële verwoestingen meegebracht. De steden en dorpen van Noord-Frankrijk, die op het westelijk front van de Duitse aanval lagen, hebben schade geleden die opeenvolgend te wijten was aan de bewegingsoorlog, dan aan de stellingenoorlog, gedurende dewelke de legers tegenover elkaar stonden en zich ingegraven hadden in de loopgraven langs de Hindenburglinie, aan Duitse kant. De omvangrijke heropbouw die hierop volgde, kenmerkt nu nog sterk het landschap van het departement.  Slag aan de Leie (1918). Bron CAUE du Nord

Zoom op: DE HEROPBOUW VAN BAILLEUL

Bailleul heeft de kwellingen van de oorlog moeten doorstaan en werd in 1918 voor 98% vernield. De stad werd tussen 1920 en 1930 heropgebouwd in een modernere stijl, en vooral in een regionale stijl die zijn inspiratie vond in het voorbeeld van Brugge. http://www.cheminsdememoire-nordpasdecalais.fr

De tweede wereldoorlog (1939-1945)

DE TWEEDE WERELDOORLOG (1939-1945)

In tegenstelling tot de eerste wereldoorlog, die vooral een stellingenoorlog was, was de tweede wereldoorlog eerder een bliksemoorlog. De Duitsers omzeilen de Maginotlinie die tussen de twee wereldoorlogen gebouwd werd om Frankrijk te beschermen. Tal van verdedigingswerken zijn nu nog in het gebied te zien, zij benadrukken de hoogste punten ervan. De bombardementen van de grote steden uit Noord-Frankrijk werden gevolgd door een belangrijke heropbouw, onder meer van bepaalde buurten die helemaal vernield waren (Maubeuge, Calais, Duinkerke, … ). Bron CAUE du Nord.

Zoom op: la PLAINE AU BOIS

Op 28 mei 1940 hebben ongeveer honderd soldaten uit de West-Midlands gedurende negen uur het oprukken van de Duitse troepen op Duinkerke in de omgeving van Wormhout tegengehouden. Zo konden de Britse en Franse strijdkrachten de kust bereiken en verdedigingslinies rond Duinkerke oprichten.
Zonder munitie, gewond en uitgeput, hebben zij zich moeten overgeven. Op bevel van Sepp Dietrich werden soldaten van het 2de bataljon van het Royal Warwickshire Regiment naar een weide in Esquelbecq gebracht en in een koeienstal opgesloten.  De SS’ers gooiden er handgranaten binnen, schoten de soldaten neer die probeerden te vluchten, en vermoordden in koelen bloede de enkele overlevenden. De plaats herdenkt de moed en bewaart het aandenken aan deze mannen. We kunnen vergeven, maar niet vergeten.

Hedendaagse periode

De urbanisatie van de grensstreek in de 20e eeuw wordt gekenmerkt door de verandering in het ritme waarop de ruimte verbruikt wordt en door de wanordelijke spreiding van de bestaande agglomeraties. Dit voelt men minder aan in Nederland, die een striktere wetgeving kent, dan België of Frankrijk. Deze stedelijke, rijke en gecontrasteerde erfenis heeft nochtans soms een heel originele stadsstructuur gegeven met een zeer uitgespreid stedelijk profiel, en soms met de afwezigheid van een stadshiërarchie, zoals in het Borinage. Het gebied telt « steden van alle grootten, waarvan het aantal regelmatig groeit, van de grootste tot de kleinste, zonder dat men een bruuske breuk merkt tussen grote en kleine steden »* (Oream-ord 1971 ). De complementariteit tussen naburige steden drukt zich uit in het kwalitatief opduiken van een hoger organisatieniveau: « het stedelijk gebied ». Bron CAUE du Nord

Zoom op: BLÉDINA IN STEENVOORDE

Deze honderdjarige onderneming was oorspronkelijk een kaasmakerij. Vandaag is de fabriek een dochteronderneming van de groep Danone. Zij is gespecialiseerd in babyproducten en heeft meer dan 400 werknemers in dienst. Zij richt zich nu meer en meer naar het buitenland.

Bereid en boek uw verblijf bij onze VVV-kantoren
Toeristische Dienst "Destination Coeur de Flandre"
Bailleul - Cassel - Steenvoorde - Steenwerck
Toeristische Dienst " Haut de Flandre"
Bergues - Esquelbecq - Hondschoote - Volckerinckhove - Watten